Druk op UCI om te veranderen leidt tot nieuwe business modellen

september 28, 2020 Door cyclingconnection

In het jaar 2020 is alles anders dan anders. Normaal kroont de Tour de France eind juli zijn winnaar. Nu is 20 september 2020 een onvergetelijke dag voor kersverse Tourwinnaar Tadej Pogacar. In andere jaren zou hij zijn winst in La Grande Boucle te gelde kunnen maken in rondjes rond de kerk in dorpen als Chaam, Boxmeer en Surhuisterveen.

Niet in 2020, want het weekend na de Tour is er plek gemaakt in de overvolle najaarskalender voor een Wereldkampioenschap. Eigenlijk zou Aigle/Martigny het decor zijn van een prachtig wielerfestijn. Enkele schitterende parcoursen, met de venijnige beklimming van de Col de la Petit Forclaz als scherprechter in de wegwedstrijd.

WK

Zondag 27 september lag de finish op het circuit van Imola, in Italie. Het is een ingekort WK, met enkel de wegwedstrijd en tijdrit voor mannen en vrouwen elite. Mooie winnaars (Alaphilippe, Van der Breggen 2x en Ganna) met prachtige beelden. De druk om het WK door te laten gaan was en is hoog. Niet per se vanuit de renners, maar met name vanuit de UCI.

Van Der Breggen op weg naar de wereldtitel – tegen een prachtig decor

De UCI heeft enkele belangrijke inkomstenbronnen en het Wereldkampioenschap is misschien wel de belangrijkste. In dit jaar zijn andere bronnen, o.a. de organization fees (organisatoren betalen om een wedstrijd onder UCI vlag te mogen houden) en de inkomsten van de Olympische Spelen weggevallen. Al in april kondigde de wereldfietsbond maatregelen aan om de kosten te drukken voor dit jaar.

De organisatie, gevestigd in Aigle, Zwitserland, heeft echter niet stil gezeten.

Recent waren wij op bezoek in het UCI World Cycling Center en daar deed manager Frédéric Michel een aantal plannen uit de doeken. De afgelopen maanden is hard gewerkt aan plannen om naast inkomsten uit wedstrijdorganisatie ook andere inkomsten bronnen aan te boren en de eerste resultaten zijn daar.

‘Het trainingscentrum is ooit aangelegd als gesloten locatie, waar enkel profs en goede amateurs konden trainen, dat zijn we aan het veranderen’.

Het World Cycling Center heeft vele faciliteiten die het hele jaar door in gebruik zijn. Twee dingen springen het meest in het oog: de 200m lange indoorbaan en het state-of-the-art krachthonk.

Per jaar trainen is er plek voor 40 atleten van nationale bonden die anders geen perspectief zouden hebben. Tijdens het bezoek zien wij vlaggen van o.a. Trinidad en Tobago, Peru, Tadjikistan en andere onbekende fietsnaties. Het is vanwege COVID-19 echter opvallend rustig in het centrum. In de naastgelegen gymzaal traint de lokale jeugd op trampoline en paard. 

Dromen van een profbestaan

Atleten wonen in UCI gebouwen en trainen hier onder begeleiding om een hoger niveau te bereiken. In het verleden zijn al grote namen uit dit programma voortgekomen: Chris Froome, Victoria Pendleton en meest recent Egan Bernal. Hun namen prijken groot aan de muur van het trainingscomplex. 

Over Bernal vertelt manager Michel: ‘Hij had nog nooit op een racefiets gezeten. We hoorden dat hij heel goed was. We hebben ‘m op een Wattbike gezet en hij leverde de allerbeste testresultaten die we hier ooit hebben gezien. Op basis daarvan kreeg hij drie aanbiedingen van profteams.’

Dat zijn de succesverhalen. Vele renners met profambities zullen na een jaar of twee jaar terugkeren met een rugzak aan ervaring, maar met een uiteengespatte droom.

Tot voor kort waren de faciliteiten enkel beschikbaar voor atleten van aangesloten bonden. De UCI wil dit veranderen en heeft daarvoor nieuwe plannen gemaakt. Zoals Michel aangeeft: ‘we zijn begonnen met het openen van het café-restaurant. 

Daarmee werd het centrum ineens toegankelijk voor iedereen. Het is nu ook al mogelijk om, tegen vergoeding, op de indoorbaan te trainen in daarvoor aangewezen uren. Daarnaast hebben we 2-uur durende baan en BMX clinics, waarbij je kennis kunt maken met deze spannende disciplines’.

De volgende stap die de unie zet is de mogelijkheid om voor één, drie of zelfs zes dagen een leven als prof te ervaren.

Het programma is in principe bedoeld voor iedereen, zelfs zonder fietservaring.

In de optie Discovery ben je een dag aanwezig, kun je twee disciplines uitkiezen om uit te proberen en krijg je naast een 3-gangen lunch in het mooie restaurant ook de mogelijkheid om met coaches en atleten te praten.

De driedaagse Immersion is een stuk serieuzer. Je verblijft in een hotel, er is een Wattbike test inbegrepen, trainen in het krachthonk en daarnaast ga je twee dagen onder begeleiding trainen in de bergen.

De kers op de taart is het zesdaagse Premium aanbod. Je bent eigenlijk een week lang prof. Fitheidstest, bikefitting, trainingen, fiets, race tactiek, alles.

Je hoeft alleen nog zelf te trappen.

De kosten van dit alles? Vanaf CHF 250 ben je een dag welkom op het WCC. De driedaagse, inclusief overnachtingen en lunch is CHF 1950/€1800 en voor het zesdaagse Premium aanbod betaal je CHF 3750/€3500

Een 2 uur durende baan- of BMX-clinic is slechts CHF 55/€50 per persoon 

Zeker het premium aanbod lijkt op dit moment enkel weggelegd voor de ‘happy few’. Daar heeft de voormalig partnership manager van Ineos ook al over nagedacht en hij wil zijn pijlen mogelijk ook richten op bedrijven. ‘Daar liggen zeker kansen, bijvoorbeeld als onderdeel van management trainingen of teambuilding’.

Meer informatie over het aanbod en openingstijden is te vinden op cmc-aigle.ch